Van live naar online – praktijklessen van Stefan Wijers

1 april 2020
Categorieën: Gastblog, Verhalen uit de praktijk
Geen reacties »

In deze coronatijden roept de hele evenementenbranche in koor: “Dan gaan we toch over op online!” Maar kan dat zomaar? Is dat niet ingewikkeld of kostbaar en wat komt daar allemaal niet bij kijken? Ja, het kan, schrijft dagvoorzitter Stefan Wijers, maar dan moet je er wel wat voor doen. En let wel, virtueel blijft écht iets anders dan live.

Stefan NVTZ webinar

Foto: Ans Verstraeten/NVTZ

Aanvankelijk zou ik 8 fysieke regiobijenkomsten modereren voor een koepelorganisatie in de zorg. Toen kwam het coronavirus en allerlei ongekende maatregelen werden van kracht. Al gauw voel je dan aan dat je ‘iets moet’ met de geplande bijeenkomsten. Op 26 maart zou de aftrap zijn. De eerste gedachte die bij je opkomt is: dan maar afblazen; of in elk geval uitstellen. ‘Omkatten’ kwam eerst niet in mij op, want ik zat nog in de groef van “ja maar, o jee, corona, gevaar, 1,5 meter afstand, lukt niet…”

Omdenken

Hoewel het advies ‘thuiswerken’ gold, had ik toch besloten naar Utrecht te rijden voor een cruciaal go, no-go overleg. In de Volkskrant van die ochtend had ik een interessant stuk gelezen over acteurs die les krijgen in digitaal lesgeven. Maar nóg was bij mij het kwartje niet gevallen.
Pas in de auto dwong ik mezelf als het ware tot om-denken en toen kwam het aha-moment: waarom gaan we niet online? De opdrachtgever bleek voor het idee te porren, maar had wel allerlei vragen. Vooral over de mate van interactie die we met virtueel konden waarmaken. Mijn huiswerk die dag was om na te gaan wat er allemaal kon en wat online gaan zou kosten.

Na een belrondje kwam ik er achter dat verschillende wegen naar Rome leiden, ook wat online gaan betreft. Je kunt grofweg kiezen voor een studiowebinar of voor doe-het-zelf.
Bij een studiowebinar wordt jouw bijeenkomst vanuit een professionele (en doorgaans kostbare) televisiestudio uitgezonden naar de deelnemers. Of je kiest voor een van de vele videocommunicatie tools. Denk aan Skype, Webinargeek, Adobe Connect en Zoom.

Zoom

Binnen de opleidingspoot van de opdrachtgever was al wat ervaring opgedaan met Zoom. Dus was het logisch om daarop voort te borduren. Ook scheelde dat in de kosten, omdat geen externe expertise ingekocht hoefde te worden.
In principe zijn veel tools gebaseerd op zelf doen. Ook Zoom. Maar persoonlijk zou ik tijdens het modereren niet gauw 100% zelf aan de knoppen willen zitten. Ik concentreer mij liever op het luisteren, de interactie en de flow. Dus met een medewerker van de opdrachtgever, die zich nadrukkelijk in de spelonken en krochten van Zoom verdiepte, ging ik het ombouwproces van live naar online tegemoet.

Het oorspronkelijke draaiboek moest worden omgewerkt naar een script voor virtueel. We waren het snel eens met elkaar dat we alle interactiemogelijkheden binnen één tool wilden houden. Naast Zoom nog met een andere tool werken, zeg Mentimeter, zou te ingewikkeld zijn voor onze deelnemers.
Ook beseften we dat het middagprogramma tot maximaal 2 uur moest worden teruggebracht. Om de aandachtsspanne vast te houden, hebben we de vuistregel gehanteerd dat er om de 5 á 8 minuten een nieuwe poll of vraag aan de deelnemers voorgelegd moest worden. Het programma kende geen sprekers, wel mensen die kort gingen reflecteren op wat deelnemers inbrachten.

Slapeloze nachten

De laatste nachten voor ‘uur U’ heb ik tamelijk onrustig geslapen. Zou het allemaal gaan werken, zouden de deelnemers zo’n online geheel wel pruimen en zou het niet toch te lang zijn, die 2 uur?
De dag van tevoren hebben we een generale repetitie gehouden en die verliep uiteraard met de nodige haken en ogen… Het is zeker de moeite waard om vooraf goed te oefenen en te kijken of alles werkt. Ook hadden we de dag ervoor een moment (call) waarop de deelnemers alvast even konden inloggen en zich vertrouwd konden maken met Zoom. Zo’n 5 á 6 van de 28 deelnemers maakten daar gebruik van.
Voor alle zekerheid zijn de medewerker die mij hielp en ikzelf op dezelfde locatie gaan zitten tijdens de bijeenkomst. Op zich kun je overal vandaan op Zoom inbellen, maar het leek me wel zo handig om direct een fysieke hulplijn te hebben, voor het geval dat.

Om erin te komen, brachten wel elkaar via het scherm een Sudanese groet. Vervolgens schreef iedereen in de chat zijn naam achterstevoren: Hallo Naftes Sreijw! Deze elementen werkten als luchtige ijsbreker om iedereen in de virtuele omgeving te laten landen. Bovendien raakte iedereen al een beetje vertrouwd met de look & feel van Zoom.
Daarna volgde het inhoudelijk programma. Dat was voor de behapbaarheid in twee stukken geknipt, met een ultrakorte pauze iets over de helft.
Het programma bevatte een afwisseling van polls (meerkeuze) en open vragen. Hierdoor hield iedereen maximaal de aandacht erbij. Een open vraag werd om te beginnen door iedereen beantwoord via de chat (en dus niet via video). Dit om de vaart erin te houden en iedereen erbij te betrekken. Als moderator vroeg ik vervolgens mondeling om verduidelijking bij een paar deelnemers: “Michiel, kom er even in. Je schrijft…”

Werkt het? Ja,dus!

Voortdurend had ik alle 28 postzegels van deelnemers voor me in beeld, zodat ik de mensen er makkelijk bij kon betrekken en in de gaten kon houden wie nog weinig had gezegd. In het tweede deel deden wij een groepsopdracht en werd iedereen voor de afwisseling ingedeeld in groepjes al naar gelang de zorgsector waar men in werkte. Het was spannend of het goed zo werken … ja dus. Mensen hadden het leuk gevonden in de groepjes en ze kwamen keurig terug met resultaat.

Al met al heb ik de virtuele bijeenkomst als plezierig ervaren en als ik de terugmeldingen mag geloven, de ‘mensen in de zaal’ ook. Tijdens de voorbereiding bevond ik me regelmatig ver buiten mijn comfortzone als gespreksleider. Vooral vanwege onbekendheid met de techniek en omdat ik het moeilijk vond in te schatten, wat online wel of niet zou werken. Zouden de mensen alleen maar door elkaar heen kakelen of zou het oorverdovend stil blijven, als je de deelnemers een vraag ging stellen?
De techniek werkte voortreffelijk: geen bevroren gezichten, black-outs of mensen die er zomaar uit gegooid werden. Online is veel intenser (en vermoeiender) dan een normale bijeenkomst. Maar uiteindelijk gaat het bij virtueel ook om de goede mix van goed luisteren, variatie aanbrengen en zorgen voor ritmewisseling in het programma.

Stefan Wijers

Hoe kun je deelnemers raken, als je bijeenkomst virtueel is?

20 maart 2020
Categorieën: Geen rubriek
Geen reacties »

Er zijn veel goede redenen om te kiezen voor een virtueel event in plaats van een live bijeenkomst. Maar als je het doet, vermijd dan de grootste valkuilen: investeer tijd en moeite, om te zorgen dat je online event interactief is en je deelnemers werkelijk betrekt. Maak niet de fout om terug te schakelen naar ‘uitsluitend zenden’. Laat deelnemers voelen dat je echt contact met ze maakt, zelfs al zit je niet fysiek bij elkaar. Toon je kijkers dat ze deel uitmaken van de show en dat ze dus niet alleen maar toeschouwers zijn. Kortom: doe alles wat je live ook zou doen, maar dan online.
Dit zijn een paar ideeën om je virtuele event menselijk te maken, in plaats van alleen maar een technisch hoogstandje.

alfred-rowe-FVWTUOIUZd8-unsplash

(picture by Alfred Rowe on Unsplash)

Ontwerp voor digitaal

Behandel online events, precies zoals je met een live meeting om zou gaan: start met het bepalen van scherpe doelen, om vervolgens de meest effectieve werkvormen te ontwerpen. Vertrouw er daarbij op dat er een technische oplossing gevonden kan worden voor elk mogelijk wild idee. En begin dus niet andersom: dat je eerst het platform en de tools kiest, voordat je precies weet wat je wilt.

Wat je in ieder geval niet moet doen, is simpelweg het face2face format kopiëren naar online. De menselijke ervaring moet net zo goed voelen, maar je live-ontwerp moet (helaas) tot het fundament afgebroken en opnieuw opgebouwd, specifiek voor online.

Ontwerp een geweldige opening

Net als bij live-events, doe je de ‘codering’ in de eerste paar minuten van je virtuele meeting. Op een onderbewust niveau toon je de deelnemers wat voor een soort bijeenkomst dit gaat worden, welke bijdrage je van hun verwacht en welke (ongeschreven) regels er gelden in deze tijdelijke tribe.
Dat betekent dat als je een interactieve sessie wilt, dat je er meteen mee moet beginnen. Sla die eindeloze introducties over en maak meteen een echte verbinding.  Dit helpt om de tone of voice te zetten, het tempo te bepalen en het doel van de bijeenkomst helder te maken.

Een interactieve start kan werkelijk alles zijn; wees creatief: speel een spel met alle deelnemers. Laat iedereen naar alle andere camera’s kijken en posten hoeveel mensen hij al kent. Doe een snelle poll of wordcloud. Laat 100 camera’s samen het logo van het bedrijf vormen, door gekleurde papiertjes voor de lens te houden. Maak het speels.

Plan specifieke interactiemomenten

In het algemeen kunnen virtuele deelnemers voortdurend vragen stellen of opmerkingen maken in de chat. Vaak werkt het beter om daar specifieke momenten voor te kiezen, zodat mensen eerst kunnen luisteren en dan pas reageren; of dat ze eerst input mogen geven en dan met volle aandacht kunnen luisteren.
Een optie is zelfs om te vragen naar een specifiek soort vragen of opmerkingen. dat geeft het event precies de structuur die mensen nodig hebben om aangehaakt te blijven en helpt deelnemers begrijpen wat je van ze wilt op welk moment.

Hou ze scherp

Als mensen online zijn, dwalen hun gedachten nog sneller af dan in een zaal. Het is daarom extra belangrijk om ze met grote regelmaat bij de les te houden. Wij adviseren om iedereen minstens iedere 3-5 minuten actief te betrekken. En let op: actief betrekken is meer dan alleen maar vragen of er nog vragen zijn. Actief betrekken betekent: mensen laten nadenken, ze laten bewegen, ze dingen laten doen en actie laten ondernemen.
Het is bovendien belangrijk om regelmatig  van format te wisselen. Want hoe briljant je werkvorm ook, het wordt sneller saai dan je denkt. Hak je event daarom in stukjes en bedenk voor ieder deel het best passende format. Mocht je inspiratie kunnen gebruiken, stuur ons dan gerust je vraag en wij komen met een paar ideetjes. Want ideeën zijn er duizenden, ook voor online.

Kom terzake

In het echt is een eindeloze spreker al verschrikkelijk en zorgt langdradigheid er voor dat deelnemers afhaken. Online is de concentratieboog nog korter. Dus als je gaat presenteren, kom dan snel ter zake;  cut the crap.
Dit kan bijvoorbeeld betekenen dat je alleen een korte samenvatting geeft en details communiceert in een document dat je verstuurt in de chat of per email. Of je zet wat info op het scherm en geeft mensen even rustig de tijd om te lezen, zonder dat jij er doorheen praat.

Wissel de groepsgrootte

Ieder programma onderdeel heeft een eigen aanpak en dynamiek nodig. Dus als het enigszins kan, laat mensen dan afwisselend werken in groepjes van 2-4-8-10. En ja, dat kan best een uitdaging zijn, als iedereen alleen thuis zit aan zijn eigen scherm. Maar laat je daar niet door weerhouden en wees creatief: sommige platforms hebben de optie om in kleinere groepen uiteen te gaan. Je kunt mensen samen laten werken in whatsapp groepen. Je kunt separate conference calls doen. Of je laat ze naar elkaar roepen vanaf hun balkons.
Deze kleinere groepen kunnen dieper in de inhoud duiken, elkaar verhalen vertellen, vragen voorbereiden, met mogelijke oplossingen komen of aan een opdracht werken. Als je eenmaal begint met nadenken, zijn er miljoenen formats. Wij helpen je met alle liefde om de meest passende te vinden of te ontwerpen.

Werk met meerdere streams

Niet iedereen heeft behoefte aan dezelfde inhoud. Je zou vooraf kunnen communiceren, welke content besproken wordt op welk tijdstip, zodat deelnemers zelf kunnen bepalen wanneer ze inloggen. Of je programmeert een aantal sessies parallel, zodat iedereen kan kiezen.
En zelfs als je wilt dat alle deelnemers alle sessies/sprekers bezoeken is het mogelijk om de groep te splitsen. In plaats van – laten we zeggen – 100 man naar vier opeenvolgende sprekers te laten luisteren, kun je deze experts ook vragen om hun verhaal vier keer op rij te doen; je kunt je voorstellen dat een carrousel van vier groepen van 25 een andere dynamiek geeft dan één massa van 100.

Sta ze toe om uit te schakelen

Ieder mens heeft op zijn tijd behoefte aan alleen zijn: om na te denken over een probleem, om zich voor te bereiden op de volgende sessie, of om informatie te verteren.  Het kan raar voelen om de uitzending even stil te leggen, maar het is wel heel krachtig om mensen te vragen eerst individueel een lijst van uitdagingen op te schijven, vijf minuten door de tuin te wandelen om na te denken over een vraag of om een tekening te maken (‘een schets van de toekomst’, bijvoorbeeld). Ze zullen er van opfrissen, het zal hun concentratie verhogen en zorgen dat ze beter luisteren of mee doen.
Verder hebben mensen zo nu en dan ook gewoon andere dingen aan hun hoofd. Dus plan liefst regelmatige pauzes, voor de WC, de email of wat dan ook.

Gebruik tools

Online is het lastig om oldskool dingen te doen, zoals bodyvoting, hand opsteken etc. Maar gelukkig zijn er hulpmiddelen die hetzelfde doen, maar dan online.
Allereerst is er de optie van polling/voting, bijvoorbeeld met Slido. Dat geeft snel inzicht in wat mensen denken, willen en nodig hebben. Sommige stemsystemen zijn ook geweldig te gebruiken om de belangrijkste vragen op te halen. En een snelle wordcloud doet wonderen, als je wilt weten wat de belangrijkste uitdagingen en oplossingen zijn.
Als je op zoek bent naar uitgebreidere mogelijkheden, zoals netwerken en allerlei speelse functies, kijk dan eens naar Presenterswall.
En als je dieper wilt graven, dan raden wij onze eigen tool aan: ConsensIQ. Het helpt groepen om betere voorspellingen te doen, een diepere dialoog te hebben over dilemma’s/uitdagingen en om meer gebalanceerde, breed gedragen beslissingen te nemen.
Eigenlijk is er een tool voor alles wat je maar kunt willen. Dus hou je niet in, bedenk de gekste dingen en ga zoeken naar de passende oplossing.

Maak lol

Ook online willen mensen graag plezier hebben. dus waarom doe je niet een  quiz of een ander spelletje? Of ga op zoek naar andere leuke gadgets, zoals ‘the wheel of names‘, een thuisbingo of  bouw met zijn allen aan een kettingreactie op afstand. Geef je deelnemers eens een gekke opdracht, zoals het googlen van de gekste oplossing ooit … of wat je dan ook maar kunt bedenken.

Bereid je goed voor; ook technisch

Natuurlijk, een bepaalde mate van improvisatie maakt je event beter; menselijker. Maar alleen in een goede voorbereiding vind je de ruimte voor flexibiliteit.
Dus alsjeblieft, bereid de inhoud goed voor. Laat je deelnemers voelen dat je weet waar je het over hebt. Laat ze je niet betrappen, terwijl je moet zoeken naar de juiste info of het goede document.
En zorg dat de techniek in orde is. Dat betekent dat jij je al ruim van te voren in moet loggen op het gekozen platform. Zeker de opening is cruciaal en dan wil je niet aan de deelnemers willen vragen, of ze je nog 5 minuten willen geven om een paar settings goed te krijgen.

Weet wie er kijken

Net als in het echte event-leven, is het belangrijk om te weten wie je deelnemers zijn. Zo voorkom je dat je ze dingen vertelt die ze al weten of ze informatie geeft die voor hun niet relevant is. De simpelste manier is om het ze gewoon te vragen, voorafgaand aan het evenement of tijdens de bijeenkomst.

Conclusie

Als je verhuist van live naar online verandert er … niets! Het is alleen maar een ander medium, met een andere dynamiek en andere tools. Maar de deelnemers en hun behoeften blijven hetzelfde. Wees creatief en dan is alles mogelijk.

JJ

Wetenschappelijk neurologisch bewijs: de dagvoorzitter maakt echt verschil

28 januari 2020
Categorieën: Geen rubriek, Je publiek beter bereiken, Over vragen stellen en discussie voeren, Stand van het vak
Geen reacties »

Het modereren en (mede) ontwerpen van het Best Event Awards World Festival in Milaan was een eer: leren, netwerken en interacteren. De sprekerslijst was van wereldklasse, met voor elk wat wils. Voor ons – de professionele dagvoorzitters – was de workshop met Ben Moorsom (Neuroscaping) één van de hoogtepunten.
Ben specialiseert zich in de neurologische en psychologische benadering van events; Hij levert wetenschappelijk onderzoek waarmee we de ervaring van de deelnemers kunnen optimaliseren en waarmee we de doelen van onze bijeenkomsten beter halen. Ik was blij om te horen dat de typische ‘Dagvoorzitter.nl manier’ bewezen effectief is. Wat we al die jaren al deden op basis van ons onderbuikgevoel blijkt wetenschappelijk onderbouwd.

DSC_7775

Dit is wat ik van Ben leerde:

Ons brein is heftig vervuild
We hebben zo veel aan ons hoofd, dat het steeds moeilijker wordt om ons te concentreren op iets nieuws en om echt iets te leren. In ‘onze manier van modereren’ gebruik we veel korte interactie-formats (de basismoderaties) om deelnemers open te stellen voor het volgende programma-onderdeel. Dit helpt de deelnemers om een bewuste afweging te maken van hun behoefte en om zich gericht te focussen op wat de volgende spreker/workshop/sessie voor ze kan betekenen. Onze moderatoren maken voortdurend contact met de deelnemers (in plaats van ze alleen maar te laten zitten en luisteren) en dat helpt ze om te concentreren en afleiding buiten te sluiten.
Als professionele dagvoorzitter is het NIET onze taak om nog meer mentale vervuiling toe te voegen. Het lijkt wel of iedere bijeenkomst deze dagen flitsend en dynamisch moet zijn, maar in mijn visie creëert dat alleen maar meer ruis. Goed meeting design ontwerpt ook ‘rustmomenten’: om na te kunnen denken en verwerken.

Aandacht moeten we geven én verdienen
Je kunt van deelnemers niet verwachten dat ze hun volle aandacht geven aan sprekers/inhoud, zonder dat wij (de organisatoren) daar ons best voor doen. Net zo min kun je eisen dat ze spontaan komen met vragen/ideeën/input. de enige manier om interactie op gang te krijgen is door echt contact te maken met deelnemers en door daar actief in te investeren. En dat is nu precies een belangrijk kenmerk van ónze manier van modereren: we verkleinen voortdurend de afstand tussen podium en zaal; letterlijk (door de zaal in te lopen) en figuurlijk.
Ben zijn onderzoek laat duidelijk zien, dat de aandacht krijgen hard werken is: aandacht kan bij deelnemers al na vijf minuten weg zakken. Strategische interventies door de dagvoorzitter haalt mensen van hun mentale automatische piloot en helpt ze om aandacht te geven aan nieuwe informatie of ideeën. Dat betekent dus, dat de dagvoorzitter met enige regelmaat in beeld moet zijn.

Cognitieve barrieres staan betrokken deelnemers in de weg
Engagement (betrokkenheid) is hét buzzword in ons vak en bij veel event-organizers. Wat blijkt: engagement is niet zo makkelijk te krijgen, als we wellicht denken. Sterker nog: het is ons eigen brein dat betrokkenheid in de weg staat. Onderzoek toont namelijk aan dat mensen tot wel 52% van de tijd mentaal afdwalen.
Wat helpt, is om hier niet tegen te vechten. Afdwalen is een ongecontroleerde gedachte, die niets met het onderwerp te maken heeft, of een willekeurig beeld dat zo maar door ons hoofd schiet. Dat kan de boodschappenlijst zijn bijvoorbeeld, of een aankomende vergadering. Maar slecht is het afdwalen niet. Het is slechts een manier om de hersenen even rust te geven, door even niets over iets belangrijks na te denken. En die mentale pauzes hebben we gewoon nodig.
Als dagvoorzitter moet je dus de grens zoeken: aandacht vragen op de belangrijke momenten, maar voorkomen dat je de deelnemers voortdurend opeist. Een echte professional voelt ook wanneer deelnemers weer even moeten opladen.

Afleiding verlaagt de waardering voor een bijeenkomst
Als je bij de sportwedstrijd van je kind voortdurend op je telefoon kijkt, geniet je minder van de wedstrijd, volgens wetenschappelijk onderzoek. Afleiding kortom, vermindert onze ervaring. En omgekeerd: als je er in slaagt mensen ‘in het moment te laten zijn’, zullen ze je bijeenkomst hoger waarderen. Je kunt je voorstellen dat een hogere waardering leidt tot een hogere kans dat mensen daadwerkelijk iets doen met het geleerde.
Tegelijkertijd laat onderzoek zien dat mensen maar 25-32% van de tijd echt opletten.
De dagvoorzitter kan op twee manieren helpen: om te beginnen door te zorgen dat mensen zo min mogelijk afgeleid zijn en zo veel mogelijk aangehaakt bij de bijeenkomst. Maar belangrijker nog, door te zorgen dat ze opletten, juist op de meest belangrijke momenten en door deelnemers te helpen kiezen wanneer je op moeten letten. De goede dagvoorzitter weet wanneer te handelen: wanneer mensen aan te spreken en wanneer ze tijd te geven om na te denken, te verteren en plannen te maken.

Voorpret verhoogt de waardering
Hoe meer je je verheugt op iets, hoe meer je het zult waarderen, hoe meer indruk het zal maken, hoe groter de kans is dat je iets leert of verandert. Dat wetenschappelijke feit verklaart het succes van twee zaken die wij altijd benadrukken in onze trainingen.
Om te beginnen is er de aankondiging van het volgende programmaonderdeel of de volgende spreker. De waarde van een goed bedachte introductie wordt erg onderschat en wij vinden dat dagvoorzitters daar meer tijd in zouden moeten investeren. Een mooie aankondiging helpt deelnemers zich te verheugen en helpt ze dus meer waarde uit het programmaonderdeel te halen.
Een tweede vorm van ‘gestuurde voorpret’ noemen wij de basismoderatie: kleine interacties die deelnemers aanzetten om alvast na te denken over het volgende onderdeel.
Vergelijk het met een vakantie: hoe meer tijd je steekt in de voorpret (dagdromen, brochures doorbladeren) en in de voorbereiding (reserveren, inpakken, etc), hoe meer je er van zult genieten; volgens onderzoek.

Optimale inrichting van de ruimte en techniek leidt tot hogere concentratie
Als dagvoorzitter vinden we ook de zaalopstelling, licht en geluid (deels) onze verantwoordelijkheid. En onderzoek toont het belang daarvan. Het blijkt namelijk dat slechte ‘omstandigheden’ een groot negatief effect hebben op het leer-/luistervermogen van deelnemers. De reden is vrij simpel: als je brein bijvoorbeeld al zijn aandacht nodig heeft om te kunnen verstaan wat er gezegd wordt (als het geluid slecht is), is er minder hersencapaciteit over om de informatie te verwerken. En als de stoelopstelling niet strookt met de werkvorm, gaat daar aandacht heen in plaats van naar de inhoud..
De dagvoorzitter kan hier een belangrijke rol spelen. Al is het alleen maar door in te grijpen, als er zaken zijn die afleiden.

Ben Moorsom’s algemene conclusie was: ‘Op weg naar het brein van de deelnemer is er enorme concurrentie. Ga niet in gevecht. Help je deelnemers navigeren’. Als dagvoorzitter kunnen wij die navigator zijn!

JJ

 

De mooiste momenten van het Best Event Award Festival

14 januari 2020
Categorieën: Geen rubriek, Je publiek beter bereiken, Stand van het vak, Verhalen uit de praktijk
Geen reacties »

Hoewel de lijst van prachtige projecten die we – als Dagvoorzitter.nl – in 2019 deden vrijwel eindeloos voelt, kan er maar één echt hoogtepunt zijn: Het Best Event Awards World Festival in Milaan. Samen met Salvatore Sagone en zijn briljante ADC-team kwam alles wat wij doen bij elkaar in één grote climax. Ons optreden (met maar liefs 6 dagvoorzitters) werk hoog gewaardeerd door de deelnemers, de top van ons vak. Graag deel ik wat gedachten over dit mooie evenement.

78754164_2854742371204051_1480669771769839616_o

Voor wie ons niet kent: wij leveren professionele dagvoorzitters, trainingen en meeting design. Dus je kunt je waarschijnlijk wel voorstellen hoe het voelde om gevraagd te worden voor het modereren en (mede) ontwerpen van het Best Event Awards World Festival: het is als spelen in de Eredivisie en is een enorme waardering voor onze vernieuwende manier van modereren.
In Milaan, ontwierpen en modereerden we voor onze vakgenoten en dus waren we extra blij dat de evaluaties extreem positief waren.

Zoals ieder jaar, was het festival verdeeld in drie onderdelen: de pitches, het educatieve congres en de award show. Bij ieder element zijn we trouw gebleven aan de typische Dagvoorzitter.nl manier van modereren: interactief, doelgericht en met de deelnemer centraal.

The Pitches

Op de eerste dag werd er gepitcht: uit alle inzendingen waren de beste projecten geselecteerd en die mochten presenteren voor de jury. Voor ons was dit deel waarschijnlijk het meest uitdagend.
In vier ruimtes werden tientallen projecten gepresenteerd, verdeeld over een aantal categorieën. Om binnen de tijd te blijven en om deelnemers gelijke kansen te geven, was het schema strak en de procedure strikt. Dat gaf onze dagvoorzitters (Hans Etman, Kjell Lutz, Samme Allen en Jan-Jaap In der Maur) weinig ruimte om hun rol te spelen. En toch slaagden ze er in om de energie de hele dag door hoog te houden, met behulp van kleine spelletjes, korte interacties, snelle energizers en door simpelweg waardering te tonen voor het feit dat zo’n dag voor iedereen lang en taai is.
Een paar voorbeelden: In ‘mijn zaal’ liet ik juryleden de high-five run doen (zo veel mogelijk high fives met deelnemers in 60 seconden), vroeg ik de deelnemers om ‘we houden van jullie’ te roepen naar de juryleden (en de juryleden terug naar de zaal: ‘dank, wij ook van jullie’) en droeg ik de juryleden op om de deur uit te lopen, in de zon te gaan staan en met de ogen dicht drie keer diep in te ademen. En als je denkt dat deze  1-3 minuten lange interacties weinig voorstellen, dan had je erbij moeten zijn: het hielp mensen weer op te laden, liet ze zien dat er iemand voor ze zorgde en liet de hele dag voelen als een feestje.

78319301_2869344956410459_1072090945945600000_o 78859377_2869692513042370_5335706638542176256_o

Het educatieve congres

Devolgende dag was er het educatieve congres, gemodereerd door Jan-Jaap. In het design deden we een paar dingen anders dan anders; als uitgangspunten formuleerden we:
1. Minstens de helft van de tijd wordt gereserveerd voor interactie
2. Geen twee sessies zijn hetzelfde
3. Ieder onderdeel leidt tot praktisch toepasbare leerpunten, die meteen in praktijk gebracht kunnen worden
4. Deelnemers voelen zich geliefd, gezien en betrokken
5. Het thema is ‘the nature of events’, de rode draad is ‘co-creation’.

78298692_2869669249711363_3613776639516737536_o 78783013_2869669409711347_7227525408990691328_o 78532012_2869666436378311_8469085340550823936_o

We openden met een spectaculair voorbeeld: Rockin100 is de grootste rockband op aarde en toont de echte waarde van co-creatie. Uiteraard gaven we zelf het goede voorbeeld, door deelnemers mee te laten doen in de openingssong ‘We will rock you’: een aantal weken voor het congres vroegen we om vrijwilligers. we selecteerden er een paar om mee te zingen in de band. En dat was geen makkie: ze moesten thuis al oefenen en repeteerden de avond voorafgaand aan het congres met de band.
Omdat deze deelnemers er moeite in moesten steken en omdat ze zelf op het podium stonden veranderde hun ervaring: ze waren voor het eerst echt onderdeel van het event. Het veranderde – op afstand – ook de ervaring van de andere deelnemers: je collega’s op het podium zien verandert ook jouw gevoel. Mensen worden daardoor meer betrokken en ze doen als vanzelf makkelijk mee in de rest van het event.
The openingsact veranderde zelfs het onvermijdelijke openingspraatje van de organisator. Salvatore Sagone had het lef om ook een stukje te spelen op zijn gitaar en kwam daarmee in een diepere, meer persoonlijk verbinding met zijn gasten.

De eerste keynote – Walter Faaij – liet de deelnemers zien hoe stammen-structuren een bijeenkomst kunnen veranderen en hoe je nieuwe waarden kunt vinden, als je naar events kijkt door de bril van de antropoloog. Ook hier was de aanpak weer zeer interactief. Als moderator hadden we bovendien al vanaf dag 1 stiekem een aantal ‘rituelen’ geïntroduceerd, zodat de deelnemers zich deel van een (tijdelijke) stam gingen voelen.
Wat deze presentatie verder anders maakte, was dat we hem in tweeën hadden gehakt. Aan het einde van deel 1 gaf Walter de deelnemers een onderzoeks-opdracht. Later op de ochtend kwam hij terug op het podium om de bevindingen te analyseren.

78579342_2869668086378146_600305375643697152_o 79379381_2869669926377962_1045855859772489728_o 78889172_2869671939711094_1574076978221285376_o

Nadat de deelnemers samen de opstelling van de stoelen hadden omgebouwd (ook een vorm van co-creatie), had de tweede keynote de vorm van een teamopdracht. Zie het voor je: honderden mensen die met meubels lopen te sjouwen. Het gafvze nieuwe energie in de vorm van een beetje lichaamsbeweging en het liet ze weer voelen dat ze echt integraal onderdeel waren van dit event; hun event.
Na een korte introductie door Michela Russo van Kantar Media, werkten acht groepen aan een serie uitdagingen, allemaal rond de vraag ‘hoe betrek je de deelnemer van de toekomst’? De jury bestond uit een aantal Kantar-millenials. Het winnende team won een speciaal webinar met het Kantar Millenial Lab.

De laatste spreker van de ochtend  Cyriel Kortleven, liet de deelnemers zien hoe ‘creatief denken’ werkt. Dat was precies de lichte, entertainende, maar toch leerzame sessie die mensen nodig hadden aan het einde van een wel besteedde ochtend. Cyriel deed net dat stapje extra, door kleine verwijzingen naar de eerdere presentaties op te nemen in zijn verhaal. Hij knoopte daarmee alle elementen van de ochtend aan elkaar.

The Workshops

Copy of DSC_4727 (1)

Na de lunch konden de deelnemers kiezen uit een keur aan workshops. Onze dagvoorzitters(Hans, Kjell en Jan-Jaap, plus Desiree Hoving) deden extra hun best om het echte WORKshops te laten zijn, in plaats van de bekende lange presentaties voor kleinere groepjes. De uitdaging was bovendien om ze schaalbaar te maken voor iedere groepsgrootte, omdat deelnemers volledig vrij waren in hun keuze. Een sessie kon dus net zo goed 8 als 80 deelnemers hebben.
De gespreksleiders deden de voorbereiding in nauw overleg met de sprekers. Ook zij moesten werkelijk tijd en aandacht investeren, om workshops zo interactief en leerzaam mogelijk te maken. In de sessies waren we er om de sprekers te helpen zich aan te passen aan het aantal  deelnemers en belangrijker nog: aan hun behoeften.

Copy of DSCF5041 Copy of DSC_4775 Copy of DSC_4746

Al met al had het educatieve congres de ‘dagvoorzitter.nl handtekening’: echt contact maken verkiezen boven een ‘gelikte show’.

De Award Show

77394928_2854750544536567_6784081060859740160_o

“s Avonds modereerden Jan-Jaap samen met Sandy Nijhuis het laatste deel van het festival: de award show. OOk hier maakten we een paar heldere keuzes:

1. Het moest de snelste BEA award show ooit worden
2. We gingen de awards in hoog tempo uitreiken; geen eindeloze, ceremoniële plichtplegingen. Daarmee creëerden we ruimte voor:
3. De deelnemers moesten zich echt onderdeel voelen van de viering, op ieder moment tijdens de avond. Normaal gesproken zitten mensen bij dit soort gelegenheden verveeld te wachten op hun categorie. Wij wilden dat ze zich gedurende de hele ceremonie gezien en geliefd zouden voelen.

78371278_2854748891203399_4293454522619002880_o 77227449_2855157087829246_2666097693406789632_o 78258190_2854744134537208_1667703812120379392_o

Dus wat hebben we gedaan? De awards zelf werden uitgereikt in een zeer gestructureerd, waanzinnig snel format. Jan-Jaap en Sandy deden om de beurt een categorie, beiden vanaf hun eigen kant van de catwalk. Zo kon een nieuwe catergorie meteen beginnen, zodra de andere was afgerond (zelfs terwijl de foto’s van de winnaars nog gemaakt werden). Door deze strakke regels kwamen publiek en genomineerden in een ritme, waardoor we iedere categorie in anderhalve minuut af konden handelen (inclusief het aankondigen van de genomineerden, het bekend maken van goud/zilver/brons en het maken van de foto’s).
Na een aantal uitreikingen werden deelnemers het enorme tempo moe. Precies op die momenten hadden we een aantal publieksinteracties gepland (daarbij geholpen door Hans. Hij liep door de zaal, terwijl Sandy en Jan-Jaap werkten vanaf het podium). We lieten deelnemers naar elkaar zwaaien, foto’s maken, voor elkaar juichen, de jury bedanken, de wave doen en de staande ovatie oefenen voor de winnaar van de Grand Prix.
Het zorgde er voor dat mensen zich onderdeel voelden van de avond, in plaats van alleen maar toeschouwer. In plaats van een volledig gedramatiseerde show, maakten we er een feestje van, waarbij iedereen zich betrokken en welkom voelde.
We zeggen speciaal ‘duizendmaal dank’ tegen de event-teams van ADC, Next Group en Clonework, voor het vertrouwen, omdat ze steeds mee durfen te gaan in onze idiote ideeën en voor het ontwerpen van de beste staging en grisch ontwerp ooit. Ze zorgden ervoor dat wij precies de show neer konden zetten die we voor ogen hadden.

Het allermooiste compliment kregen we tijdens de afterparty (en nee, die persoon was niet volledig dronken). Iemand zei: ‘Misschien moet het BEA World Festival volgend jaar het BEA World Festival maar winnen’.

JJ

Vernieuwende formats en geweldige foto’s van Conventa Crossover

11 september 2018
Categorieën: Je publiek beter bereiken, Over vragen stellen en discussie voeren, Stand van het vak, Verhalen uit de praktijk
Geen reacties »

Onlangs was ik weer dagvoorzitter in Ljubljana (Sloveni), tijdens de Conventa Crossover Conference. Het was weer een event om te onthouden, met dank aan de organisatie n de deelnemers. Graag deel ik een paar formats uit het meeting design, die we gebruikten om te zorgen voor interactie, betrokkenheid en energie.

Conventa Crosover PR Lutkovno prvi dan-45

Maar eerst wil ik ook de fotograaf (Matjaz Tavcar) bedanken, voor het maken van de perfecte dagvoorzitter-foto! Hij laat wat mij betreft precies zien waar mijn vak om draait. Er zijn twee dingen die me opvallen aan het plaatje (zie hier boven):

1. De spreker is scherp, de dagvoorzitter niet. En zo hoort het. Want de spreker is de held van het verhaal; de gespreksleider is slechts zijn ‘trouwe assistent’. De spreker die je ziet is Patrick Roubroeks (Xsaga) … wat was hij goed!

2. De dagvoorzitter luistert weliswaar naar de spreker, maar observeert het publiek. En dat is ook precies waar zijn focus hoort te liggen. Het gaat immers om de deelnemers; de spreker is er om hen te dienen.

Maar goed, terug naar de formats die ik beloofde. We deden een paar dingen anders, deze keer:

Opening

In tegenstelling tot de meeste events, was deze opening niet ‘groots en luid’, maar eerder intiem en persoonlijk. Als dagvoorzitter zat ik op de rand van het podium, vertraagde en gaf deelnemers de kans om te reflecteren op mijn vragen. Het zorgde voor een ontspannen, informele sfeer, nodigde deelnemers uit om hun persoonlijke uitdagingen te benoemen en hielp iedereen zich open te stellen en te delen. Met dat gevoel gingen de deelnemers meteen daarna naar de workshops.

Conventa Crosover PR Lutkovno prvi dan-5

Keynotes campfires

Na de workshops waren er twee keynote sprekers. De eerste sprak eigenlijk niet eens, maar interacteerde en co-creerde met de deelnemers. We vroegen deelnemers om te komen met wilde ideen voor events. Patrick Roubroeks voorzag de suggesties van commentaar en gaf iedereen zo een leerzaam inzicht in zijn creatieve manier van denken.
Verder waren er geen plenaire Q&A’s, direct na de sprekers. In plaats daarvan kregen beiden een persoonlijk hoekje, nadat ze allebei gesproken hadden. De deelnemers konden vrij kiezen: met n van de twee nog wat door praten in een kleinere setting, of email checken, ntwerken etc.
Deze keynote campfires zorgden ervoor dat de sprekers alleen maar tijd hoefden te investeren in diegenen die cht genteresseerd waren en dat ze juist die mensen ook hun volle aandacht konden geven. vergelijk dat eens met de ‘normale’ situatie, waar vaak honderd man ongeduldig zitten te wachten, totdat slecht 10 mensen hun vragen hebben gesteld. Bovendien droeg ook dit weer bij aan de intime sfeer die zo kenmerken is voor Conventa Crossover.

Conventa Crosover PR Lutkovno prvi dan-54

Panel

Nog een format dat we hebben ingezet, was ‘panel on demand’. Zo zag het eruit:

Om te beginnen vroegen we de deelnemers te helpen bij het verbouwen van de ruimte. In plaats van de klassieke opstelling met drie mensen op het podium, werden de stoelen in en vierkant geplaatst; in het midden bleef er plek over voor het panel.
Vervolgens hoorden de deelnemers dat ze de keuze hadden uit vier onderwerpen (allemaal binnen het overkoepelende thema van het panel). Elk onderwerp correspondeerde met n van de vakken in het vierkant. Iedereen moest zijn favoriete onderwerp kiezen en plaats nemen in het bijbehorende kwadrant. Dat leidde ertoe dat 40% van de deelnemers in n vak zat, terwijl er in een ander vak maar 6 mensen zaten.
Het panel draaide zijn stoelen vervolgens naar het vak met de meeste mensen en besteedde de meeste tijd aan dit onderwerp. Na drie keer draaien was het minst populaire onderwerp aan de beurt. Ieder pannellid mocht daar twee zinnen aan wijden. Over het geheel genomen was dit een leuke, lichte vorm met stevige inhoud. Het publiek was actief betrokken, omdat het panel zich liet leiden door hn wensen. En ze waren vol energie, omdat ze fysiek actief waren geweest.

Conventa Crosover PR Lutkovno prvi dan-69

Awards

Er was ook tijd gereserveerd voor de Conventa Crossover Awards. Meestal helpt dit onderdeel de energie om zeep: er waren 16 deelnemers, die allemaal de kans moeseten krijgen om te pitchen. Het oorspronkelijke – maar tamelijk traditionele – idee was om iedere finalist 10 minuten het podium te geven. Dat zou een zit van 2 (!) uur betekend hebben, en dat is voor niemand leuk.
Tegelijkertijd wilden we de pitches ook niet t kort laten zijn. We wilden deelnemers namelijk niet alleen laten stemmen, maar ze ook iets laten leren van de projecten. Dit was onze oplossing:

Allereerst mocht iedere finalist een video veryonen van 90 seconden, aangevuld met een pitch va 30 seconden. Dus slechts 2 minuten in totaal. Daarna kreeg iedere finalist een statafel toegewezen. In vier rondes van 15 minuten hadden deelnemers daarna de kans om maximaal vier projecten te bezoeken, om daar vragen te stellen en meer informatie te krijgen.
Wederom betekende dit, dat deelnemers allen tijd hoefden te investeren in projecten waar ze cht in genteresseerd waren. En de finalisten hoefden alleen te presenteren aan mensen die cht wilden luisteren. Uiteindelijk hadden somigge projecten zo vier rondes lang hun tafel vol en spraken anderen maar maar een heel klein groepje mensen. Is dat eerlijk? Misschien niet. Maar h … dit was een wedstrijd!

Conventa Crosover PR Lutkovno prvi dan-108

Anarchy Session

een laatste format dat ik wil delen, is de Anarchy Session. In een open space format mochten deelnemers vrijuit kiezen, waar ze het over wilden hebben. We vroegen ze om na te denken over de toekomst van ‘het vak’ en de belangrijkste uitdagingen. Iedereen die de dialoog aan wilde gaan over een bepaald vraagstuk, kon n van de ‘conversation corners’ claimen. Iedereen die naar zo’n hoek toe wilde gaan om mee te praten was welkom.
het werd een hele dynamische sessie, waarin mensen ideen uitwisselden, kennis deelden en netwerkten.

Conventa Crosover PR Lutkovno prvi dan-91

Shits happens

En van de keynote sprekers had als thema ‘shit happens’… en hij bleek gelijk te hebben: de afsluitende keynote spreker kwam niet opdagen. Met een goede reden, maar toch: we hadden een uitdaging.
Eerder stoppen was geen optie, want dat lukte niet met de catering n met de geplande award show. Dus, wat te doen?
Gelukkig hadden we wel de Powerpoint presentatie van de spreker; gelukkig waren de deelnemers inmiddels genoeg vertrouwd met elkaar om een beetje keet te kunnen schoppen. En dus besloten we om een groepsgewijze’powerpoint karaoke’ te doen: bij iedere nieuwe slide gooide ik mijn catchbox naar iemand in het publiek. Diegene moest zich dan al improviserend een weg slaan door die slide.We hadden lol n we leerden ook nog iets.

Ik hoop dat ze me volgend jaar terug vragen voor Conventa Crossover. Dit is namelijk echt een uniek event, dankzij de breidwilligheid van iedereen om te delen en te experimenteren!

Jan-Jaap

Energizers & entertainment: droom van iedere dagvoorzitter … of drama?

4 september 2018
Categorieën: Je publiek beter bereiken, Stand van het vak
Geen reacties »

Elke zichzelf respecterende dagvoorzitter heeft ze op het repertoire: energizers. Iedere organisator zet het van tijd tot tijd op het programma: entertainment. Ze doen beiden wonderen, mits met zorg gekozen. Helaas doen deze ‘leukigheden’ net zo vaak schade aan de uitkomsten van bijeenkomsten.

1933661_10154021280679493_2339704884382838670_o

Vraag er naar bij deelnemers en je krijgt zonder enige twijfel een paar horrorverhalen te horen: over het congres dat opende met een briljante act, om meteen daarna de bezoekers in een diepe slaap te sussen. Of dat moment dat de dagvoorzitter iedereen mee laat doen aan een rondje buikdansen, waardoor iedereen zich ongemakkelijk voelt. Misschien wel de zaal vol mensen die allemaal denken ‘daar gaan we weer’, als ze gevraagd wordt de nek van degene voor zich te masseren. Of de zoveelste keer dat je moet praten met degene naast je, zonder dat je precies weet waarom.
Aan de andere kant weten we allemaal dat een bijeenkomst succesvoller is, als we de informatie en de leermomenten ‘makkelijk verteerbaar’ maken. Dus waar ligt dan de balans? Hier zijn een paar tips om rampen te voorkomen.

Laat het over inhoud gaan

Mensen zijn bereid alles te doen – en leuk te vinden! – als ze begrijpen waarm ze het doen. Kies de formats daarom zorgvuldig en zorg dat er een heldere connectie is met het onderwerp van de dag, met het voorliggende leerpunt of met het specifieke programmaonderdeel.
Deelnemers praten namelijk echt graag met hun buurman, zo lang ze maar duidelijk is wat ze erbij te winnen hebben.

Zorg voor een doortimmerd ontwerp

De algemene regel is even scherp als simpel: als je energizers en acts nodig hebt, is je programma kennelijk niet goed ontworpen. Want laten we eerlijk zijn: in te veel gevallen zijn ze alleen bedoeld om te verhullen dat het programma waardeloos is. Maar luister: je deelnemers zijn niet dom, daar trappen ze niet in. En dit is dus precies waarom ze de energizers (en dus jouw event) haten.
Investeer dus in het ontwerp van een geweldige bijeenkomst. Zorg dat de stevige inhoud verpakt is in een afwisseling van formats, zaalopstelling, aansprekende leermomenten etc. en je hoeft je geen zorgen te maken. Als deelnemers iedere stap in het dagschema leuk en interessant vinden, komt de energie vanzelf. Ook zonder noodgrepen!

Laat ze hard werken

We zijn veel te veel bezig met ‘het leuk maken’, terwijl lol hebben nooit een doel op zich is. Ja, als je een vrijgezellenfeest organiseert, dan draait het alleen maar om de pret. Maar als je naar een congres gaat, zoek je inhoud, kennis, inzichten en netwerken; energie en entertainment zijn echt alleen een middel.
In het algemeen krijgen mensen energie van hard werken. Zolang het harde werk gaat over hun passie, problemen en perspectieven. Dus als je zoekt naar nieuwe energie, kijk dan eens verder dan ‘lol hebben’ en laat ze zweten. Nog niet overtuigd: vergelijk het met de sportschool. Na een uurtje bikkelen kom je bekaf thuis. Maar je bent wel heel erg lekker moe.

Pluk de dag

Wat gisteren werkte hoeft dat vandaag niet weer te doen. Dus hou op met iedere hetzelfde trucje te doen. Vul je gereedschapskist met allerlei verschillende vormen, en kies daaruit steeds de juiste. Kijk naar onderwerp, context, doelgroep. Wissel vormen af en ontwikkel gaandeweg regelmatig nieuwe.

Doe het voor de deelnemer

Laat jezelf leiden door de mensen in de zaal. Observeer, luister en voel wat zij nodig hebben. Als je de energie eruit volt lopen, handel! Als je goed naar je deelnemers hebt gekeken, zul je op ieder moment weten wat te doen. Dit gaat over het maken van de echte connectie.
Je zult dan ook merken dat je niet te veel moet willen en vooral: niet te snel. Aan het ende van de derde congresdag kan zelfs buikdansen werken (soms …). Maar meteen na het openingswoord op dag 1 voelen mensen zich gewoon nog niet veilig genoeg om voor gek te staan voor 200 anderen!

Leef in het moment

Energizers kun je niet volledig vooraf plannen. Energie moet je leveren, als het nodig is. Blijf daarom scherp en kom in actie, als de boel inkakt.
Massages zullen maar zelden werken, maar soms is daar ineens het moment van uitzondering.

Zorg voor het perfecte einde

De slot-act zou meer moeten zijn dan een manier om deelnemers wakker te krijgen net voor de borrel of om ze te belonen voor het feit dat ze niet eerder vertrokken zijn. Het zou de dag aan een effectieve conclusie moeten helpen. De ideale afsluiter is daarom fris, positief, verbindend, scherp, gerelateerd aan de inhoud. Het entertainment zet een duidelijke punt, bekrachtigd uitkomsten en vat afspraken samen. En ja, dan mag het ook best leuk zijn.
De laatste minuten zijn geen goed moment om wonden open te rijten, want er is geen tijd meer voor hechtingen. Dus waarom dan een comedian programmeren die iedereen nog even snel beledigt, of een dansact die niemand iets zegt? De beste performers (en ik ken er een aantal) snappen wat bijeenkomsten doen, snappen wat hun rol is en pakken die met verve. Als je een afsluitende act huurt, neem er dan eentje die je bijeenkomst opstuwt naar een grotere hoogte.

Conclusie

Als je goed ontwerpt heb je minder energizers en entertainment nodig. En als je ze inzet, zorg dan dat ze cht iets toevoegen aan content, communicatie en connectie.

 

Sponsors: hoe maak je ze blij, zonder je deelnemers te irriteren?

15 juni 2018
Categorieën: Je publiek beter bereiken, Stand van het vak
Geen reacties »

We snappen allemaal, waarom we sponsors nodig hebben; toch? Tegelijkertijd begrijpt iedereen, waarom deelnemers een hekel hebben aan de gesponsorde delen van een programma … toch? De uitdaging is dus om dit ‘gearrangeerde huwelijk’ tot een gelukkige te maken. Vanuit onze ervaring als interactie deskundigen hebben we een paar suggesties.

sponsored by

Maak keuzes

Partners koppelen is succesvoller, als iemand echt tijd en moeite investeert in het maken van de match. Als organisator moet je daarom wellicht niet zo maar iedere sponsor accepteren, die je toevallig kunt krijgen (en ja, ik weet dat het moeilijk is om dat geld te laten liggen … maar wees dapper). Kies alleen die sponsoren die cht passen bij de inhoud van de bijeenkomst en die werkelijk waarde hebben voor de deelnemers. Daar maak je alle partijen gelukkiger mee.

Denk als een deelnemer

Zorg er voor dat je sponsoren volledig begrijpen wat de deelnemers nodig hebben. En laat ze zichzelf vervolgens presenteren vanuit dat perspectief. Daar worden zowel de sponsor, als de deelnemer beter van. Dat betekent dus dat jij – de organisator – tijd moet investeren: scan de presentaties van de sponsoren en bespreek ze, waar nodig.
Immers: een sponsor koopt het recht om zichzelf te laten zien, maar niet het recht om de deelnemers te vervelen tot ze in slaap vallen. Zelfs al betalen ze flink, het is ok om streng te zijn tegen je sponsoren.

Ontwerp en zorg voor interactie

Ook bij de inzet van sponsoren zouden we moeten zoeken naar formats die de deelnemer centraal stellen en die hen toegevoegde waarde leveren. Laat een sponsor eens minder presenteren en meer interacteren. Zoek eens naar hun gedeelde belang, zodat ze echt met elkaar in gesprek komen. En als een sponsor daar niet voor open staat … zoek een andere!

Een paar ‘deelnemer-gerichte’ sponsor formats zijn (en sommige zijn prima te combineren):

Vragenvuur: De sponsor staat op het podium, maar presenteert niet. Hij/zij beantwoordt uitsluitend gerichte vragen uit het publiek

Case-study: Haal een paar echte problemen uit de zaal, waar deelnemers mee worstelen. In plaats van een plat verkooppraatje te houden, gebruikt de sponsor zijn expertise om deelnemers te helpen deze real-life problemen op te lossen. Als alternatief kun je de zaal laten werken aan een fictieve case, waarbij de sponsor optreedt als coach.

Buzzword bingo: Bepaal een aantal dingen die de sponsor niet mag zeggen (bijvoorbeeld: “ons product…”). Als de bingo kaart vol is, krijgt de betreffende sponsor een ‘straf’ (liefst wel een ludieke).

Quick tour: alle sponsoren hebben een stand. Vervolgens breng je een carrousel op gang, waarbij alle deelnemers bij iedere stand een presentatie van n minuut krijgen. Later kunnen ze dan gericht terug naar enkele stands van hun keuze, om verdiepende vragen te stellen.

Gepland netwerken: programmeer tijdvakken, wanneer deelnemers tijd krijgen om met een paar sponsors te praten. Mensen kunnen per tijdvak inschrijven op 1-2 sponsoren (maak eens gebruik van NetworkTables). Sp0nsoren zullen zo niet met iedereen kunnen praten, maar weten zeker dat ze mensen aan de stand krijgen die cht interesse hebben in hun aanbod.

Sponsor hackathon: aan iedere tafel werkt een sponsor aan een bepaalde case. In een open-space format mogen de deelnemers daarna zelf kiezen aan welke tafel(s) ze een bijdragen willen leveren.

Panellist: sponsoren nemen als expert zitting in een panel. Dit helpt ze om mee te praten over een onderwerp, in plaats van over hun product. Doen ze dat goed, dan wekken ze vanzelf interesse in hun product.

Sponsor-quiz: doe een paar rondes in een quiz-format, verspreid over het congres. Stel 3-5 vragen per sponsor en laat die de antwoorden uitleggen. De winnaar gaat naar huis met een mooi prijzenpakket, aangeboden door de sponsoren.

Samenvattend: werk alleen met sponsoren en formats, die werkelijk toegevoegde waarde hebben voor de deelnemers. Alleen op die manier gaan alle betrokkenen tevreden naar huis.

Jan-Jaap

Geen sprekers meer … experts, alsjeblieft!

20 oktober 2017
Categorieën: Geen rubriek, Je publiek beter bereiken, Over vragen stellen en discussie voeren
Geen reacties »

Wat gebeurt er, als je een spreker op het podium zet? Precies, dan spreekt hij of zij! Deelnemers leunen achterover en luisteren (in het meest gunstige geval); de spreker praat … soms eindeloos en oeverloos. Wat zou er nu gebeuren, als we ze niet langer ‘spreker’ zouden noemen, maar het alleen nog maar zouden hebben over ‘experts’? Dat zou een eindeloze bron aan interactieve, verbindende mogelijkheden openen. En dat is precies waarom wij - de dagvoorzitters – geen sprekers meer op het podium willen. Wij willen experts!

people-sleeping

In onze Workshop Interaction Design nemen we het gemiddelde, traditionele congres als startpunt. Want dat is toch nog steeds de standaard: een lange rij sprekers. En dan nemen we onze deelnemers mee op een zoektocht naar alternatieven die ieder programmaonderdeel leuker en effectiever maken. Het mooie van deze opties is dat ze geen van allen meer tijd of geld kosten. Maar ze zorgen wl voor meer betrokkenheid tussen expert en deelnemers. Dit zijn een paar mogelijkheden:

Het gemodereerde interview

In plaats van een presentatie door de spreker, kan de dagvoorzitter hem ook interviewen. Dit zorgt er voor dat de belangrijkste vragen gesteld worden, dat vanuit hn perspectief in de behoeften van de deelnemers voorzien wordt en dat er interactie is tussen zaal en podium.
Heb je deze stap eenmaal genomen, dan opent zich een keur aan mogelijkheden om de deelnemers ook echt actief te betrekken bij het verhaal van de expert: vragen voorbereiden in groepjes, een stemapp gebruiken om de belangrijkste uitdagingen te bepalen, enz.

een andere vorm van een gemodereerd interview is het panel-gesprek. En ja, we weten het: in de meeste gevallen zijn panels dodelijk saai en oninteressant. Maar geloof me: mits goed voorbereid en uitgevoerd, kunnen panels inspirerend en energiek zijn!

Het participatieve interview

In een ‘gewoon’ interview’ door de gespreksleider is de expert nog steeds leidend. Als je nog een stap verder zet, zijn het de deelnemers die de expert direct ondervragen. De dagvoorzitter begeleidt in dat geval het proces alleen nog maar.

Een bekend format is de town-hall meeting of ook wel college tour: de expert staat (of zit) alleen maar op het podium om vragen van het publiek te beantwoorden. Mocht het toch een beetje te eng zijn, om het initiatief volledig bij de deelnemers te leggen (bijvoorbeeld omdat een minimale inhoud gegarandeerd moet zijn), laat de dagvoorzitter het gesprek dan indelen in een aantal heldere hoofdstukken en geef de expert toestemming om ieder hoofdstuk te openen met 1 minuut presentatie. Of maak gebruik van korte video-clips.

Een andere variatie is het zogenaamde kampvuur-gesprek, vooral geschikt voor wat kleinere groepen: De expert en de deelnemers zitten in een kring (als het ware rond een kampvuur), als gelijken. De expert mag openen met 1-2 minuten presentatie, maar daarna is het initiatief volledig aan de deelnemers en hun vragen. Het mooie aan dit format is de intimiteit. Deelnemers en expert voelen zich daardoor veel vrijer om werkelijk naar elkaar te luisteren en op elkaar te reageren.
Zelf gebruik ik deze vorm regelmatig in de ‘dying moments’ (dat zijn ze soms bijna letterlijk) van een congresdag, wanneer er vaak minder mensen in de zaal zitten. Het aanpassen van de zaalopstelling brengt dan nieuwe energie en verbinding.
Maar, zul je wellicht zeggen, dit werkt alleen met kleinere groepen en ik heb 300 man in de zaal. Een terechte tegenwerping, maar denk dan eens aan deze optie: in plaats van alle experts na elkaar op het podium te zetten voor een plenaire zaal, kun je ze ook 6 keer laten spreken in een carrousel. Dat betekent kampvuursessies met 50 mensen!

TV-formats

Er is een keur aan TV-programma’s met een rol voor experts, die met een paar kleine aanpassingen prima naar het podium vertaald kunnen worden. Denk bijvoorbeeld aan De Wereld Draait door, Zomergasten, Nieuwsuur, Klasgenoten, diverse talkshows en ga zo nog maar even door. Het fijne is, dat deelnemers de vorm meteen herkennen en daardoor direct ‘in het verhaal’ zitten. Maar let op: ieder TV-format heeft voor- en nadelen, dus kies met zorg. De talkshow zoals Arjan Lubach die doet, zorgt meteen voor energie … maar tegelijkertijd is de vorm wel een beetje oppervlakkig. Op sommige momenten op een dag, is dat precies wat je nodig hebt. Op andere momenten is een andere vorm wellicht beter.
Hetzelfde geldt overigens voor de gespreksleider: niet iedere professional is geschikt voor ieder format. Dus als je het interaction design rond hebt, kijk dan goed wie er het beste zou passen.

Als je op zoek gaat naar TV-formats, ben je geneigd eerst naar de meer inhoudelijke opties te kijken: talkshow/interview-format/journalistieke programma’s. Maar durf ook eens verder te gaan! Stel je eens voor dat je dit Out-of-the-box format zou gebruiken, waarbij de expert reageert op de uitkomsten. Of deze misschien, waarbij de expert rond loopt en reflecteert op wat hij ziet. Hoe veel sterker zou dat zijn, in vergelijking tot een spreker op het podium!?

Nog een laatste suggestie in deze categorie: waarom niet eens een wat speelser TV-format geprobeerd? Neem bijvoorbeeld ‘Dit was het nieuws’, waarin 4 experts een vriendelijke strijd met elkaar aan gaan. Het zou de bijeenkomst minimaal enorm opfrissen.

Case Study

Het nadeel van veel sprekers is dat ze vooral hun eigen verhaal vertellen en het aan de toehoorders laten om dit te vertalen naar hun eigen dagelijkse praktijk. Door de spreker te vervangen door de expert, kun je dit omdraaien. Het is zo krachtig om deelnemers eerst aan een case te laten werken, een opdracht te laten doen of een voorbeeld uit hun eigen praktijk in te laten brengen. De expert kan daar dan op reageren en fungeren als side-coach.
In plaats van een zaal vol luisteraars, zie je dan groepjes en/of individuen werken aan een taak. De expert is er – onder leiding van de dagvoorzitter – om ze te helpen als ze vast lopen of om leerpunten te benoemen, als ze die eenmaal aan den lijve hebben ondervonden.

Spelletjes

We weten allemaal dat ook volwassen beter leren, als ze spelen. Dus laten we eens een pub-quiz organiseren in plaats van een rechtoe-rechtaan presentatie. De teams strijden om ‘de beker met de grote oren’, de expert verklaart de antwoorden of treedt op als jury. Iedereen heeft meer lol n luistert beter.
Op neem een willekeurig gezelschapsspel en maak er een expert-format van. Wat dacht je van Ganzenbord, waarbij deelnemers op ieder vak een vraag mogen leggen, de expert de dobbelsteen gooit en antwoord geeft op welke vraag er ook boven komt.

Debat-dialoog

Laat deelnemers eens eerst met elkaar praten. De lijst mogelijkheden is eindeloos: Lagerhuisdebat, tafellakensessies, Lego Serious Play … alles wat ze aan het denken zet over het onderwerp, voordat de expert aan het woord komt om op hun bevindingen te reageren. Ik durf te wedden dat de expert zijn verhaal beter aan zal sluiten bij de behoefte van de deelnemers n dat zij met meer aandacht zullen luisteren.

Deelnemers als experts

Waarom zou de expert op het podium moeten staan? En waarom zou het pers iemand van buiten de groep moeten zijn? In veel gevallen zit de echte expertise in de zaal, bij de deelnemers. Dus laten we de spreker niet behandelen als de alles-wetende half-god. Maak hem deel van de groep en zoek de kennis ook daar. Als je de expert en de deelnemers samen laat werken en samen laat zoeken naar antwoorden, gebeuren er wonderen.
Ooit werkte ik met een keynote spreker die de dag opende en er daarna op stond om de hele bijeenkomst aanwezig te blijven. Hij nam deel aan alle gesprekken, verwees voortdurend terug naar zijn presentatie, stelde vragen, leerde zelf nieuwe dingen en hielp deelnemers de vertaling te maken naar hun eigen situatie. Deze spreker voelde zich niet groter dan de deelnemers, maar maakt de deelnemers groter!

Conclusie

Ik zou nog eindeloos door kunnen gaan met het noemen van formats met een expert in de hoofdrol. En jullie ook, als je jezelf toe staat om creatief te zijn.
Dus mogen we het woord ‘spreker’ alsjeblieft verwijderen uit het woordenboek? Hem of haar gebruiken als expert maakt bijeenkomsten leuker n effectiever. En dat is in ieders belang: deelnemers, dagvoorzitter, organisator en spreker … sorry: expert!

Het waarom van de dagvoorzitter: openen, verteren, vertalen, toepassen.

2 juli 2017
Categorieën: Je publiek beter bereiken, Stand van het vak
Geen reacties »

Waarom doen dagvoorzitters wat ze doen? Waarom gebruiken ze de interactie-formats die ze gebruiken? Wat is hun werkelijke toegevoegde waarde en hoe profiteer je daar maximaal van?
Deze vragen kun je alleen beantwoorden, als je een dieper begrip hebt van het waarom van de dagvoorzitter.

16177663_10154914531954493_2012640785359463232_o

 

Echt effectieve gespreksleiding is heel veel meer dan zaken soepel laten verlopen (zoals het in het woordenboek staat). Het gaat over interactie, verbinding, dynamiek.Er zijn een paar redenen voor de dagvoorzitter om zijn mond open te doen en contact te maken met de deelnemers; een paar doelen die zijn interventies kunnen dienen.

Open de geesten:

Als je wilt dat mensen informatie opnemen, iets leren of veranderen, is het van wezenlijk belang dat hun geest open staat. De dagvoorzitter kan daar een belangrijke rol in spelen. Voorafgaand aan een spreker, een workshopronde, een panel of welk programmaonderdeel dan ook, kan hij helpen ze aan te zetten voor wat er komt.
Een goede dagvoorzitter heeft een breed scala aan opties in zijn gereedschapskist. In de basis vallen die allemaal in een paar categorien (en kosten ze geen van allen veel tijd of geld):

  • Je kunt de deelnemers een vraag stellen, ze daar even op laten kauwen en dan vragen om reacties.
  • Je kunt deelnemers ook een opdracht geven, om bijvoorbeeld iets te tekenen, bouwen en schrijven.
  • Je kunt ze met elkaar laten praten; of met zichzelf (je zult verbaasd zijn hoe krachtig het is om mensen priv reflectietijd te geven)
  • En ga zo maar door

Verteren:

Tijdens de meeste bijeenkomsten proppen we deelnemers vol met informatie en inspiratie, zonder ze tijd te geven om te slikken. Het heeft veel weg van het voeden van de ganzen voor foie gras.Goed dagvoorzitterschap betekent: bewust tijd reserveren, om mensen te laten reflecteren op wat ze net geleerd hebben. En daar steeds de best passende vorm voor zoeken. Dit zal ze helpen om een bewuste keuze te maken, wat ze willen onthouden.
Je kunt dat op een aantal manieren doen:

  • Deelnemers de hele dag door aan een concreet project laten werken (individueel of in groepen) en daar na ieder programmaonderdeel tijd voor reserveren.
  • Ze simpelweg tijd en soms de duidelijke opdracht geven om aantekeningen te maken.
  • En ook hier weer: ze met elkaar laten praten, in n van de vele beschikbare formats.
  • En ga zo maar door

NB: als je een Q&A in het programma op neemt, plan dan ook verteer-tijd in. Het is namelijk niet eerlijk om van deelnemers te verwachten dat ze een briljante, relevante vraag hebben, 3 seconden nadat de spreker heeft afgerond. In een eerdere blog gaf ik al een paar Q&A-tips.

Vertalen:

De volgende stap is om deelnemers te helpen om hetgeen ze net verteerd hebben te vertalen naar hun dagelijkse praktijk. Immers: bijeenkomsten zijn (bijna) altijd in een ruimte die ver weg is van de werkelijke werkplek, de echte situatie of het concrete probleem.Een goede moderator vindt manieren om mensen zich (in hun hoofd) te laten verplaatsen naar de wereld buiten.
Dat kan bijvoorbeeld inhouden:

  • Mensen vragen hun ogen te sluiten en zich voor te stellen wat het effect gaat zijn van wat ze net geleerd hebben op bijvoorbeeld hun werk.
  • Ze opdragen om de perfecte situatie, zoals ze die net hebben leren zien, te tekenen. Op een platte grond bijvoorbeeld.
  • Een gesprek met alle aanwezige stakeholders over het perfecte plaatje.
  • Of welke creatieve oplossing je dan ook maar kunt bedenken

Toepassen:

Als mensen geen actie ondernemen, verandert er niets en is de bijeenkomst verspilde tijd. De dagvoorzitter kan helpen om echt resultaat te boeken, na ieder onderdeel en aan het eind van de dag.De truc is hier, om mensen ter plekke in actie te laten komen. Tevreden zijn met hun belofte dat ze morgen actie zullen ondernemen, heeft het risico in zich dat ze die belofte zullen breken.
De manier om dit voor elkaar te krijgen, is door deelnemers al tijdens de bijeenkomst werkgroepen te laten vormen, afspraken in de agenda te laten zetten of processen te laten opstarten (in plaats van dit pas n het event te doen, zoals meestal gebeurt). En dit hoeft zich helemaal niet te beperken tot de mensen op locatie: je kunt deelnemers ook prima een collega laten bellen of een email laten versturen.

Energie geven:

Voor alle elementen tot nu toe genoemd, is het van cruciaal belang dat deelnemers de energie hebben om dat allemaal te doen. En natuurlijk is het risico op lage energie een stuk kleiner, als je alles doet zoals hier boven omschreven; maar toch Modereren betekent ook: de energie in de gaten houden en ingrijpen, als hij weg zakt. Er bestaat natuurlijk een flink aantal algemene energizers, maar in alle eerlijkheid: die zijn mensen een beetje zat. De beste energizers hebben enige relatie met de inhoud of de deelnemers.
Een paar voorbeelden:

  • Verander de samenstelling van deelgroepen, zodat mensen weer eens een paar nieuwe gezichten zien.
  • Laat mensen bewegen: een korte wandeling als verteer moment of stemmen met je lijf, bijvoorbeeld.
  • Verander de opstelling van de zaal: van cabaret naar campfire, bijvoorbeeld. En laat de deelnemers dan zelf de tafels eens weg sjouwen ze vinden het geweldig!
  • Verander het programma: draai sprekers spontaan om. Verander van en presentatie naar een interview .. als het maar voor opwinding zorgt.
  • En ga zo maar door

Verbinden:

Mensen worden blij, als ze echt contact kunnen maken en echt goeie gesprekken mogen voeren. De dagvoorzitter is er om dat te faciliteren.De beste bijeenkomsten die ik bij heb gewoond verbonden de deelnemers in voortdurend wisselende samenstellingen: n-op-n, groepen van 3-5-10 en plenair. Door constant te zoeken naar de beste groepsgrootte en het beste (netwerk)format, help de gespreksleider doelen te behalen..

Hetzelfde geldt voor het verbinden van de deelnemers met de spreker: als dagvoorzitter zoek je de juiste toon en vorm om het te laten voelen als een twee-gesprek in plaats van een massa-gesprek. Het openen van de geesten, verteren, vertalen en toepassen gaat een stuk makkelijker, als je alternatieven zoekt voor de sprekers; bijvoorbeeld:

  • Interview
  • Town Hall Meeting
  • College Tour
  • Campfire
  • Etc.

Conclusie: heel veel dagvoorzitters doen interactie, alleen maar om de interactie. Echte verbinding leg je alleen, als de dagvoorzitter het doel van de dag werkelijk begrijpt, als hij het programma ontwerp volledig doorgrondt en op basis daarvan weloverwogen keuzes maakt.

Het DNA van een geslaagd panel

1 mei 2017
Categorieën: Gezien gehoord gelezen, Je publiek beter bereiken, Verhalen uit de praktijk
Geen reacties »

Het is niet al te vaak, dat je ons vak in de pers ziet verschijnen. Dus als koningin Maxima plaats neemt in een panel over ‘vrouwen aan de top’, is dat een buitenkansje om de wereld ‘het leven van de dagvoorzitter’ te laten zien. De foto bij het artikel geeft een zeldzame inkijk in wat een panel tot een succes maakt … of een mislukking.Wat kunnen we leren van het optreden van onze koningin, Ivanka Trump en Angela Merkel?

WP_20170426_08_53_41_Rich

Laten we eerlijk zijn: de meeste panels zijn niet best, op het vlak van inhoud, interactie n entertainment. Het is – naar onze bescheiden mening – n van de moeilijkste onderdelen van het dagvoorzitters-vak. Laten we de foto eens analyseren.

De grootte van het panel

Wij zijn er van overtuigd dat 3 deelnemers het maximum is voor een geslaagd panel … desnoods 4, als ze een pistool op je hoofd zetten. Maar als je nauwkeurig naar deze foto kijkt, zie je in ieder geval een vijfde panellid (los van de gespreksleider), net buiten beeld aan de linker kant. Uit ervaring weten wij, dat dit er minstens n te veel is en dat bij meer dan vier deelnemers de energie, interactie en inhoud in een vrije val raken. Panelleden gaan dan vechten voor hun kans om iets te zeggen, in plaats van te luisteren en echt te reageren op de anderen. En sommige zullen het zelfs opgeven, wazig voor zich uit gaan staren en daarmee een negatieve invloed hebben op de bijeenkomst.
Dus als je met alle geweld meer dan vier mensen in het panel wilt zetten, zoek dan naar alternatieve concepten: wissel panelleden per onderwerp, wissel het panel af met korte 1-op-1 interviews, geef ieder panellid n kans om individueel de zaal toe te spreken, etc; mogelijkheden te over.

De selectie van de panelleden

Een goed panel is meer dan een willekeurige verzameling van sprekers. En het mag al helemaal niet – zoals in veel gevallen – het onderdeel zijn, waar je iedereen op het podium hijst die daar om wat voor een (meestal politieke, tactische) reden dan ook moet zijn, zonder daadwerkelijk iets bij te dragen aan het doel van de dag.
Afgaande op de foto, lijkt de organisatie in dit geval in ieder geval bewuste keuzes gemaakt te hebben met betrekking tot de samenstelling van het panel; en dat is positief. De panelleden hebben zelfs een verschillende, aanvullende achtergrond: een politica, iemand uit het corporate zakencircuit en twee ‘second-ladies’. En ook dat is goed: een succesvol panel bestaat altijd uit mensen die elkaar inhoudelijk aanvullen, omdat ze tegengestelde meningen hebben of omdat ze het vraagstuk allemaal bekijken vanuit een ander perspectief. Je kunt daarbij denken aan consument-producent-overheid, management-werkvloer-klant, of wat er dan ook maar werkt voor een specifiek vraagstuk.

Typecasting

Een goed panel herbergt niet alleen conflicterende standpunten of aanvullende perspectieven, maar brengt ook verschillende persoonlijkheden met elkaar in gesprek. In dit geval – oordelend naar de foto – zijn alle karakters aanwezig: de weloverwogen spreker, de denker, de flapuit, de sterke mening. Variatie in type deelnemer moet altijd een uitgangspunt zijn bij het samenstellen van een panel.

De gespreksleider

We kennen deze specifieke moderator niet persoonlijk, dus kunnen wij niet zeggen of ze professioneel is en of zij de best passende match is met dit panel/onderwerp. Wat we wel kunnen zien aan het plaatje, is dat haar fysieke positie helemaal fout is. Om te beginnen moet een dagvoorzitter wat ons betreft liefst staan. Dit stelt je namelijk in staat om regelmatig je positie ten opzichte van het panel te veranderen en maakt interactie met het publiek makkelijker; simpelweg door daarheen te lopen.
Maar als je dan toch moet zitten (en daar zijn soms goede redenen voor), zit dan niet in het midden! De gespreksleider moet op ieder moment alle panelleden in n oogopslag kunnen zien, om te kunnen observeren hoe ze reageren op elkaar en om interactie op gang te kunnen brengen. En dat is in dit geval overduidelijk niet het geval: de moderator kijkt naar onze koningin en kan op geen enkele manier zien, wat de rest aan het doen is.

Interactie

Natuurlijk (althans, dat vinden wij … getuige vele panels is niet iedereen dit met ons eens) wil je dat er interactie ontstaat tussen het panel en de deelnemers. Om dat op gang te krijgen is het cruciaal, dat je eerst interactie op gang brengt binnen het panel. En dat is precies waar het meestal fout gaat.
Ook in dit geval vrezen we het ergste: hun lichaamstaal lijkt te zeggen, dat geen van de overige panelleden staat te popelen om te reageren op wat onze Maxima zegt. Ze wachten ofwel beleefd op hun beurt om iets te zeggen, of nog erger: ze zijn al aan de beurt geweest en wachten nu lijdzaam op het einde van het panelgesprek.
De basisvraag hier is: als je de panelleden niet met elkaar in gesprek krijgt, waarom zet je ze dan als groep op het podium? Als je ze netjes n voor n wilt laten spreken, programmeer ze dan n elkaar, in plaats van samen.

Als je ze wl wilt laten interacteren, gebruik dan een aantal basis-trucs (naast dat je niet in het midden gaat zitten). Om te beginnen: ga niet met n en dezelfde vraag het hele rijtje af. Pak ieder antwoord op en laat dat volgen door een verdiepende vraag aan de volgende spreker. Vervolgens hop je het liefst van de ene spreker naar de andere, wanneer je maar kunt: als je Maxima iets vraagt en de vervolgvraag op haar antwoord kan net zo goed beantwoord worden door n van de anderen, kies dan voor die ander.
En tot slot, observeer voortdurend: je zult precies kunnen zien, wie er een mening heeft heeft over hetgeen een ander panellid zegt. Zodra je iemand ziet knikken, zuchten of wat dan ook, vraag die persoon wat zij denkt! Als je dat in het begin van het panelgesprek wat vaker en sneller doet, went het panel aan het idee dat het een echt gesprek moet worden en zullen ze steeds natuurlijker op elkaar gaan reageren.

Tot slot: als je meer wilt weten over de kunst van het panelgesprek, kijk dan eens op Powerful Panels.

Jan-Jaap