Borstvoeding is beter

31 oktober 2008
Categorieën: Over de maatschappij
2 reacties »

Ik vind dat iedere moeder borstvoeding zou moeten geven tot het moment dat de baby kan leven op ‘gewoon voedsel’. Om dat mogelijk te maken, wil ik zogende moeders tot maximaal een jaar zwangerschapverlof geven. Moeders die hun kind ‘flessen’ kunnen, net als nu, na 6 weken weer aan het werk.

 

Heb je het echt serieus geprobeerd en wil de borstvoeding toch niet lukken, dan is de moderne flessenmelk natuurlijk een goed alternatief. Ik ben grootgebracht met de fles en ik ben daar niet ongelukkig van geworden. Maar die borsten zitten er niet voor niets en dus zeg ik: het is de natuur en dat is per definitie beter … daar hoef je geen wetenschapper voor te zijn.

 

In mijn ogen kiezen vrouwen er tegenwoordig veel te makkelijk voor om over te stappen naar de fles of om zelfs de borst niet eens te proberen.

‘Het komt niet op gang’, zeggen ze na een dagje klungelen. Ja, het kan wel een week duren, voor de productie op volle toeren is en nog veel langer voordat het echt allemaal soepel loopt.

‘Het is zo’n gedoe’, hoor ik ook regelmatig. Ik kan dan alleen maar denken: dan had je geen kind moeten nemen. Een kleine is nu eenmaal niet altijd gemakkelijk en dus moet je niet piepen, als je er voor gekozen hebt moeder te worden.

 

Deze tegenwerpingen zouden minder zwaar wegen wanneer vrouwen niet na een paar weken weer aan het werk zouden moeten. Dan zouden ze veel meer tijd en rust hebben om de borstvoeding echt een kans te geven.

En eerlijk gezegd denk ik dat ook de werkgevers liever zouden zien dat de borstvoedende vrouwen wat langer thuis zouden blijven. Een vrouw die de halve dag zit te kolven, is professioneel natuurlijk veel minder productief.

 

Ben ik nou een babyliefhebber of een vrouwenhater? Bestrijd ik het feminisme of zet ik er alleen maar een belangrijke kanttekening bij? Houden we vast aan onze natuur of laten we de vrouwenborst in de loop van de evolutie verdwijnen?

De dood van de discussie

6 oktober 2008
Categorieën: Over vragen stellen en discussie voeren
8 reacties »

De kunst van het discussiëren is dood. Er wordt daardoor niets meer bereikt en tegenstellingen worden alleen maar groter.

 

Onder het mom van een open discussie nemen we veel te vaak een onwrikbare stelling in. Met elkaar praten is niet meer bedoeld om tot de beste oplossing of een vergelijk te komen, maar uitsluitend om de ander te overtuigen van ons eigen gelijk. Als we de ander al spreektijd geven is dat puur uit beleefdheid, niet uit waarachtige interesse in zijn argumenten.

 

Wat is dan discussie in zijn meest pure vorm? Dat iedereen deelneemt met hetzelfde doel: alle denkbare argumenten en feiten op tafel krijgen.

Een echte discussie kenmerkt zich in mijn ogen door het feit, dat iedere deelnemer oprecht probeert de stelling van de ander te doorgronden. Elke uitspraak zou daarom eigenlijk gevolgd moeten worden door vragen in plaats van tegenwerpingen. ‘Leg eens uit’ in plaats van het te vaak gehoorde ‘ja, maar’.

 

Dit betekent niet dat de wereld dan geregeerd zal worden door slappe compromissen. Een echte open discussie sluit namelijk helemaal niet uit dat er aan het eind iemand een beslissing neemt … en dat sommige deelnemers aan de discussie het daar helemaal niet mee eens zijn.

Stel je eens voor dat je minister bent: zou je dan niet veel betere beslissingen nemen en die veel beter uit kunnen leggen als je alle voors en tegens hebt doorgenomen met de leden van de Tweede Kamer? Hetzelfde geldt natuurlijk voor managers en ouders. Het horen en respecteren van alle standpunten vergemakkelijkt het beslissingsproces en het verdedigen van de conclusie.

 

Laat ik eerlijk zijn: ik verdien een goed belegde boterham aan het feit dat we het echte discussiëren verleerd zijn. Maar toch ben ik benieuwd naar jullie suggesties om de kunst van het discussiëren nieuw leven in te blazen. 

Ik stel mijn stelling dat de echte discussie dood is graag ter discussie… echt!