Podiumbeest of prutser

16 februari 2009
Categorieën: Over vragen stellen en discussie voeren
3 reacties »

Wereldwijd zijn er tienduizenden mensen die hun geld verdienen op het podium: sprekers, dagvoorzitters, discussieleiders, facilitators en moderators. Er zijn goede en slechte.

Het werken met een erkend bureau geeft enige zekerheid over de kwaliteit, net als het lidmaatschap van de Professional Speakers Association Holland. Maar dan nog blijft de vraag: hoe onderscheid je het echte podiumbeest van de prutser?

 

Ik zet een aantal criteria op een rij, die ik zelf hanteer. Een goede spreker of discussieleider:

-                     is een professional. Hoe je dat weet? Vraag eens hoe vaak hij optreedt, voor wie, hoe zijn aanpak is, of hij referenties op kan geven;

-                     past zijn optreden iedere keer weer aan bij de gelegenheid. Hij zal je daarom het hemd van het lijf vragen, voordat hij besluit voor jou het podium op te gaan: wat is het doel, wie is de doelgroep, wat is zijn rol in het programma, etc;

-                     wil weten, waarom je juist hém gevraagd hebt. Hij wil weet immers als geen ander dat sprekers vaak om de verkeerde redenen gekozen worden: iemand anders vond hem zo goed, er is te weinig tijd om de ideale kandidaat te zoeken, hij is de meest voor de hand liggende, etc. De echte professional wil dat je bewust voor hém kiest, zijn verhaal, zijn stijl, zijn aanpak … zodat zijn optreden naadloos aansluit bij het thema van de dag en de verwachtingen van publiek en organisator;

-                     kiest niet altijd voor de leuke boodschap, maar zoekt soms ook de confrontatie. Een vakman wil zijn publiek iets leren, het verder helpen en weet dat hij zijn luisteraars daarom soms uit hun comfortabele stoel moet schoppen;

-                     doet niet klakkeloos wat je vraagt. Hij zal je stimuleren ook eens te kiezen voor een prikkelende, vernieuwende invalshoek. Of voor een collega, omdat een onverwachte keuze voor nieuwe inspiratie kan zorgen.

 

Tot slot moet de passie voelbaar zijn. Wantrouw de mensen die beweren een echt podiumbeest te zijn, maar hun voorbereiding uitsluitend laten bestaan uit de mededeling ‘dat het wel goed komt’.

Ik zou de lijst met criteria graag uitbreiden, om zo het profiel van de ideale spreker te kunnen benaderen. Wie doet er suggesties?

Dé discussie bestaat niet

3 februari 2009
Categorieën: Over vragen stellen en discussie voeren
7 reacties »

In het streven naar effectieve evenementen, wordt vaak gebruik gemaakt van discussie: de dagvoorzitter voelt de directeur stevig aan de tand, een forum buigt zich over een aantal heikele kwesties, de zaal gaat in gesprek met het podium.

Jammer genoeg denken de organisatoren daarmee dé oplossing voor hun communicatieprobleem gevonden te hebben, terwijl met de keuze voor een discussie de zoektocht naar de beste vorm eigenlijk pas begint.

 

De meeste discussies verlopen identiek: iemand stelt een vraag, iemand geeft een antwoord, er wordt wat heen en weer geargumenteerd tot de dagvoorzitter vindt dat het tijd is om door de gaan naar de volgende vraag.

Vaak werkt dit uitstekend, maar net zo vaak had het effect veel groter kunnen zijn.

Ik zet een paar mogelijke alternatieve gespreksvormen op een rij:

 

Buzz-words:

Het doel van de discussie is vooral feiten vast stellen, zodat iedereen het eens kan worden over de gezamenlijke uitgangspunten. Vooraf worden daarom een paar buzz-words afgesproken: ik vind, ik denk, het schijnt … iedere keer als iemand die noemt, gaat er een zoemer en wordt er net zo lang doorgevraagd tot de feiten duidelijk zijn.

 

Ikke, ikke, ikke:

Afhankelijk van het doel wordt het woord ‘ik’ verboden of juist verplicht gesteld. In het eerste geval worden mensen daarmee gedwongen te kijken naar het bredere perspectief. In het tweede geval laten mensen vooral zien, wat hun persoonlijk raakt.

 

De overhoring:

Als de verwachting is dat aanwezigen vooral hun eigen stokpaardjes zullen berijden, is het belangrijk het luisteren naar elkaar te stimuleren. Iedereen wordt daarom verplicht het statement van zijn voorganger samen te vatten, voordat hij zelf zijn/haar stelling mag poneren. Of elke spreker moet minimaal één verdiepende vraag stellen aan zijn voorganger.

 

Rollenspel:

Waar twee verschillende wereld elkaar treffen, ontbreekt vaak begrip voor elkaars situatie. Dan kan het heel goed werken iedereen in de huid van de ander te laten kruipen. Door een buurtbewoner te laten uitleggen welke maatregelen hij zou nemen als wethouder, geef je de wethouder de kans te laten zien waarom dat voor hem niet realiseerbaar is.

 

Natuurlijk zijn dit maar een paar mogelijkheden; met elkaar in gesprek gaan kan op oneindig veel manieren. De kunst is iedere keer weer te kijken naar het doel en de deelnemers en op basis daarvan de ideale vorm te bepalen voor die specifieke gelegenheid.

Ik laat me graag inspireren door jullie reacties: wie doet er nog een paar suggesties?