NLconference: hoe de traditionele aanpak effectief kan inspireren

12 april 2011
Categorieën: Gezien gehoord gelezen
1 reactie »

De MPI-NLconference was voor mij een doorslaand succes. Hoewel de programma-opbouw tamelijk traditioneel was, waren alle onderdelen inspirerend en inhoudelijk interessant. De lading dekte het thema – Bluf! – niet echt, maar kon wel overtuigen.
Er zat niet één uitgesproken zwakke spreker bij en hoewel ze voor mij als dagvoorzitter inhoudelijk niet allemaal even interessant waren, wisten ze me allemaal te boeien. Ik loop alle onderdelen even langs, uiteraard allemaal gezien door de ‘bril van een professioneel dagvoorzitter’. Ik begin met de twee sprekers die mij het meest aan het denken zetten:

Roland van der Vorst:
De eerste spreker bleek voor mij als dagvoorzitter direct de meest aansprekende. Zijn verhaal over het oproepen en beïnvloeden van nieuwsgierigheid inspireerde en gaf handvatten. Wat mij betreft verplichte kost voor iedereen die bijeenkomsten organiseert!
Roland gaf vier manieren aan om mensen nieuwsgierig te maken: achterhouden, verstoren, open houden en vragen stellen. Ik zal in een latere blog zijn verhaal nog eens uitgebreider aandacht geven, omdat nieuwsgierigheid in mijn ogen de basis hoort te zijn voor iedere bijeenkomst.

Sharon Kroes:
Het was aan iedereen duidelijk, waarom hij wereldkampioen debatteren is: moeiteloos won hij iedere discussie de zaal, omdat hij de door hem gedeelde techniek van het overtuigen als geen ander beheerst.
Maar daar zat dan ook direct mijn dagvoorzitters-bezwaar tegen zijn aanpak: waar hij het motto volgt ‘er is een verschil tussen gelijk hebben en gelijk krijgen’, ben ik meer aanhanger van ‘gelijk hebben is iets anders dan dénken dat je gelijk hebt’. Sharon is bezig met winnen, ik met vinden.
In mijn ogen zijn we tegenwoordig te veel gericht op de ander overtuigen en te weinig op het gezamenlijk vinden van de beste oplossing. Dat dit niet meteen hoeft te leiden tot ‘slappe compromissen’ heb ik eerder betoogd in ‘De dood van de discussie’: http://www.dagvoorzitter.nl/weblog/2008/10/de-dood-van-de-discussie/

Oscar Kneppers:
De derde spreker pakte als eerste het thema echt op en dat vond ik opvallend. In mijn ogen past iedere spreker zijn verhaal aan op doelgroep en thema, zodat zijn inhoud optimaal over komt.
Als belangrijkste leerpunten voor evenementen en dagvoorzitters haalde ik uit zijn verhaal: wees duidelijk over je intenties, geef ze alle aandacht, praat er publiekelijk over en durf vooral op je bek te gaan.

Geert Chatrou:
Hoewel hij volgens mij het meest ‘amateur’ was, vond ik deze wereldkampioen kunstfluiten (ja, echt!) verreweg de beste spreker: bescheiden, ontspannen, grappig en met een briljant ‘fluitconcert’. Zo zie je maar dat sprekerstechniek minder belangrijk is dan jezelf zijn en geloven in je verhaal.

Hans Janssen:
Hij kwam wat traag op gang in zijn eerste podiumoptreden ooit, maar hij had dan ook een lastige plek in het programma: ik zat echt nog een beetje bij te komen van pauze en een zonnig terras. Maar toen hij eenmaal op gang kwam, werd duidelijk dat er een prima spreker in hem schuilt.
Ik denk dat hij per saldo de meeste bruikbare tips en inzichten deelde van alle sprekers. Het zal jullie niet verbazen, dat ik er eentje uit pik: ‘zoek een professionele, ego-loze dagvoorzitter’!
De dagvoorzitter:
Het is voor mij altijd goed collega’s aan het werk te zien. Gregor Bak bleek met zijn eigen stijl een welkome aanvulling op het brede landschap aan dagvoorzitters. Zijn gezongen aankondigingen van achter de vleugel zijn zeker weer eens wat anders.

De voorzitter:
De dag werd geopend door MPI-voorzitter Roel Frissen. Hoewel ik zijn werk zeer waardeer en hem zijn verdiende moment niet wil ontzeggen, wil ik toch een welgemeende oproep doen: laat MPI het goede voorbeeld geven en de dag eens niet beginnen met de obligate opening door ‘de baas’. Het vertraagt en doet daarmee geen recht aan het verwachtingsvolle publiek en de rest van het programma. Ik zeg: spetterend openen en de ‘speech van de directeur’ later in het programma vlechten (of in veel gevallen liever nog: weg laten).

James Veenhof:
Als organisator van de Amsterdamse fashionweek gaf hij organisatoren van evenementen twee belangrijke inzichten mee: kopieer geen successen van anderen, maar doe het op je eigen manier. En: een succesvol evenement mengt verschillende bloedgroepen.

Dagan Cohen:
Het gebruiken van het enorme potentieel aan illustratieve films op Youtube is een enorme toevoeging op ieder evenement. Beeld zegt immers meer dan tekst.
Dagan sprak echter vooral over de activiteiten van Upload Cinema en maakte naar mijn gevoel te weinig de vertaalslag naar hoe de aanwezigen dat naar hun dagelijkse praktijk konden vertalen.
Hoewel zijn onderwerp één van de meest aansprekende was, vond ik dit de minste spreker. Dat hij toch een voldoende scoort, zegt veel over de kwaliteit van de andere sprekers!

Daan Rosengaarde:
Als beelden kunstenaar wil hij kunst en social media samen brengen. Zijn objecten brengen mensen daadwerkelijk met elkaar in contact.
Met zijn prachtige verhaal maakte hij zijn plek als laatste spreker meer dan waar. Zijn belangrijkste uitspraak: ‘innovatie komt nooit uit een branche zelf’. Laten we deze wetenschap mee nemen en buiten onze grenzen durven kijken.

Armand Scheurs:
De dag werd afgesloten door een briljante Belgische poppenspeler. Zo kan een samenvatting dus ook! Zelf blogde ik al eerder over de terugkoppeling: http://www.dagvoorzitter.nl/weblog/2010/03/je-publiek-beter-bereiken-de-terugkoppeling/

Mijn conclusie: er wordt vaak gezegd dat de ‘ klassieke programma-indeling’  niet meer werkt en in veel gevallen is dat ook zo. Deze NLconference bewees echter, dat we de ‘ ouderwetse aanpak’ zeker niet af moeten schrijven.
Aan de andere kant: moet een toonaangevende marktleider als MPI niet het voortouw nemen om nieuwe wegen uit te proberen? Ik wil de organisatoren van de NLconference 2012 daarom uitdagen en ze vragen een programma op te stellen met dezelfde kwaliteit als dit jaar, maar misschien iets meer ruimte voor vernieuwende vormen en experiment.

 

Geslaagde gesprekken: hoe maak je interactie succesvol?

1 april 2011
Categorieën: Geen rubriek
6 reacties »

Gesprekken bestaan er in vele verschijningsvormen: het interview, het forum, de discussie, de brainstorm, de workshop … ja, zelfs een goede speech is een gesprek.

Maar wanneer kun je die gesprekken nu geslaagd noemen? Waneer is de interactie zo  écht, dat de dialoog meer is dan een uitwisseling van loze woorden.
Een écht gesprek bestaat uit praten en luisteren, uit het uitwisselen van kennis en informatie, uit het bereiken van een gezamenlijk doel. Een goed gesprek voldoet in mijn ogen altijd aan een aantal vaste randvoorwaarden (aanvulling zijn meer dan welkom!).

Focus:
Het is volledig duidelijk wat het doel van de bijeenkomst én van ieder individueel onderdeel is. Ook over de doelgroep is volstrekte helderheid. Helaas moet deze open deur nog steeds opnieuw ingetrapt worden.

Concept:
Het totale programma heeft de vorm die – gegeven de doelgroep – het beste bijdraagt aan het bereiken van het doel.
En ook voor ieder separaat gesprek binnen de dag wordt heel bewust gezocht naar het meest doelmatige format. Of het nu gaat om een discussie, een interview, een forum of welke gespreksvorm dan ook: er zijn altijd tientallen manieren om het in te vullen en dus moet per programmaonderdeel heel bewust gekozen worden voor het juiste format.
Zie ook de blogs over:
1: Betere programma’s: http://www.dagvoorzitter.nl/weblog/2010/08/je-publiek-beter-bereiken-het-programma/
2: Betere forumdiscussies: http://www.dagvoorzitter.nl/weblog/2010/10/je-publiek-beter-bereiken-de-paneldiscussie/
3: professionaliseren van bijeenkomsten: http://www.dagvoorzitter.nl/weblog/2010/06/je-publiek-beter-bereiken-professionaliseren-van-bijeenkomsten/
4: Interviewtechniek: http://www.dagvoorzitter.nl/weblog/2010/04/je-publiek-beter-bereiken-interviewtechniek/
5: dé discussie bestaat niet: http://www.dagvoorzitter.nl/weblog/2009/02/de-discussie-bestaat-niet/

Continuïteit:
De dialoog beperkt zich niet tot die ene bijeenkomst; voortraject en nabeschouwing vormen een intergraal onderdeel van het proces. Al dan niet digitaal (social media) wordt in de aanloop van de bijeenkomst al met de deelnemers van gedachten gewisseld over doel, inhoud en aanpak. Na afloop worden de uitkomsten opgepakt en verder uitgewerkt, eventueel ook weer via de digitale weg.
Zie de eerdere blog over mijn ervaringen: http://www.dagvoorzitter.nl/weblog/2011/01/ervaringen-als-digitale-dagvoorzitter/

Vrijheid:
Iedere vraag die gesteld moeten worden, wordt ook gesteld. Er wordt een sfeer gecreëerd, waarin iedereen zich vrij voelt te zeggen wat hij vindt.
Iedere mening telt en wordt gewaardeerd. Deelnemers gaan beleefd en respectvol met elkaar om.
Zie ook deze 10 tips voor een interactief evenement: http://www.dagvoorzitter.nl/weblog/2011/03/tien-tips-voor-een-interactief-evenement/

Gelijkwaardigheid:
Deelnemers spreken met elkaar op basis van gelijkwaardigheid; waar er sprake is van hiërarchie, wordt dit helder benoemd.

Duidelijkheid:
Alle deelnemers kennen insteek en doel van de discussie. Bij aanvang is helder of het gaat om bijvoorbeeld inventarisatie, prioritering en/of het nemen van beslissingen. Feiten, meningen of gevoelens worden helder benoemd en geschieden.
Duidelijk is wat er gaat gebeuren met de uitkomst van de bijeenkomst;

Volledigheid:
De gespreksleider en de deelnemers behandelen alle aspecten van het onderwerp, van belang voor het bereiken van het doel. De juiste vraag wordt gesteld op het juiste moment. Vanuit die volledigheid worden hoofd- en bijzaken soepel geschieden binnen de context van het evenement.

Uiteraard zijn dit alleen maar de algemene randvoorwaarden, waarmee het allemaal begint. Je komt pas echt tot de beste oplossing, als je binnen deze grenzen net zo lang doorgraaft tot je de meest effectieve aanpak hebt gevonden. Daarover in eerdere (zie boven) en latere blogs meer.